Expertiseportaal van de Hogeschool Gent

Engels

Als ik geen rood meer heb: een poëticaonderzoek naar de poëzie en de beeldende kunst van Paul Snoek (1933-1981).

Project: Doctoraatsproject

  • Demets, Paul (Doctoraatsstudent)
  • Hertmans, Stefan (Promotor HoGent)
  • T'Sjoen, Yves, Universiteit Gent, België (Promotor Universiteit)

Het betreft een iconologisch-poëticaal onderzoek naar de (neo)romantische motieven in de picturale en verbale beeldtaal van Paul Snoek, met het denken van Lacan als uitgangspunt. Erwin Panofsky, de grondlegger van de iconologie, stelde dat men de iconologische betekenis van een schilderij slechts kan blootleggen, als men in de tijd waarin het tot stand kwam, gelijke ‘wezenlijke tendensen van de menselijke geest’ opspoort, zoals politiek, filosofie, religie en poëzie. Het kunstwerk wordt bekeken als een document waaruit de persoonlijkheid van de kunstenaar en de cultuur van zijn tijd af te lezen vallen. Dit houdt een bestudering van het materiële (picturale en verbale) beeld in. Ik hanteer die methode, maar wil ook aandacht vragen voor het mentale beeld, zowel in de schilderijen van Paul Snoek als in zijn gedichten. Daarom wil ik een lacaniaanse visie op de iconologie ontwikkelen en deze visie op de schilderijen én op de poëzie van Snoek toepassen, met andere woorden met een vernieuwde iconologische blik het beeldmateriaal in zijn poëzie en in zijn schilderijen analyseren. Paul Snoek wordt vanuit literair-historisch perspectief omschreven als een postexperimentele dichter, die onder invloed van de daaropvolgende stromingen sterk evolueerde en op het einde van zijn leven tot de wegbereiders van de neoromantiek gerekend kon worden. Vanuit het onderzoek van de beeldtaal in de poëzie van Snoek wil ik, naast de evolutie en de beïnvloeding, ook de continuïteit en de authenticiteit van zijn werk aantonen: zelfs in Archipel, Snoeks debuut uit 1954, zijn er al motieven te vinden die zijn werk hoofdzakelijk een (neo)romantisch karakter verlenen. Ik zal de in ons taalgebied vigerende interpretaties van de begrippen romantiek en neoromantiek analyseren en er een eigen interpretatie aan toevoegen. Daarnaast wil ik nagaan hoe Snoek zijn opvattingen over werkelijkheid en kunstenaarschap in zijn poëzie en schilderijen gestalte geeft. Daarvoor wil ik een beroep doen op het denken van Lacan, omdat volgens mij heel wat motieven in het werk van een romantische kunstenaar op een lacaniaanse manier geïnterpreteerd kunnen worden. Op die manier wil ik de tragische, psychische spanningen binnen het werk van Snoek blootleggen.

StatusAfgelopen
Periode1/11/0631/10/12

Verwante onderzoeksoutput